zaterdag 18 januari 2014

03 Sukhothai 15 januari – 18 januari



Enkele gegevens over de landen die we bezoeken
                       

inwoners in mln.
groei %
IMR
kind/
vrouw
verwachte
leeftijd
inkomen/
hoofd in $
Thailand
66,2
0,4
11
1,6
75
9.430
Laos
6,7
2,0
68
3,2
67
2.730
Vietnam
89,7
1,0
16
2,1
73
3.440
Cambodja
14,4
1,8
45
2,8
62
2.360

Thailand
Thailand is qua oppervlakte te vergelijken met Frankrijk, het is 514.000 vierkante km. Het land heeft 66 miljoen inwoners, waarvan 10 miljoen in Bangkok en 0,6 mln in Chiang Mai - de tweede grootste stad in het noorden die wij ook gaan bezoeken.
Het land is een constitutionele democratie met een koning van de Chakri-dynastie en een minister-president aan het hoofd van de regering. 95% van de mensen is Boeddhist. Het Boeddhisme komt vanuit Sri Lanka, en is het zgn. Thevaravada Boeddhisme.  Het werd reeds in de derde eeuw naar Sukhothai overgebracht door monniken hoe dat zo is gekomen is ons nog niet duidelijk. Van de 13e tot 15e eeuw is er een “ Gouden Eeuw”. Er zijn ontzettend veel Boeddhistische tempels. Verderop hoor je via bezoeken aan deze oude schatten meer over de geschiedenis. Thailand heeft een tropisch klimaat.


Overal op straat en in gebouwen staat een portret van de koning, al of niet met de koningin

Sukhothai, 16 en 17 januari
In de 13e eeuw wordt Sukhothai de hoofdstad van het Koningrijk Sukhothai en tot in de 15e eeuw is deze stad het hoogtepunt van de Thaise beschaving. Negen koningen regeren tijdens de Sukhothai-dynastie.  Koning Ramkhamhaeng  (1275 – 1317) is de belangrijkste. Hij was de eerste die staatszaken in steen liet schrijven: over veroveringen, belasting en politieke filosofie. Hij creëert het Thaise schrift, afgeleid van de Mon en de Khmer, en Inscriptie No.1 uit 1291 wordt door velen als de eerste Thaise literatuur gezien.

De Oude Stad is 1800 m lang en 1400 m breed. Drie aarden wallen met daar tussen grachten omgeven de stad. De grachten werden gevoed door de YOM rivier. Binnen en buiten de stad zijn onnoemelijk veel oude monumenten (21 binnen en plm. 70 buiten de stad). De stad heeft ooit 300.000 mensen geteld, met een efficiënt aardenwerk pijpsysteem voor water. De stad is na 1600 in verval geraakt. Tegenwoordig is er ook de nieuwe Sukhothai, gebouwd 12 km buiten de oude.


Kaartje overzicht stad

De monumenten zijn allemaal Boeddhistische tempels, WAT’s geheten. Een wat is gericht van west naar oost omdat Boeddha meestal op het oosten gericht mediteert. Eerst komt een Stupa of Chedi of Prang, meestal een hoge “toren”. Van onder af begint deze meestal met een vierkant, daarboven een achtkant en daar bovenop komt een bel-vorm of een lotus-vorm als bovenstuk. Dit bovenstuk loopt in schijven uit op een scherpe cirkelvormige punt. Deze Stupa is altijd het hoogste deel van de wat. Vervolgens komt de ontvangsthal oostelijk van de stupa. In deze ontvangst hal zit of staat de boeddha in een bepaalde houding, soms zijn er meer dan een. Vaak zijn er olifanten ter versiering aangebracht aan de onderkant die als het ware de Stupa dragen. Het materiaal waarvan de tempels gebouwd zijn is een poreuze steen (lateriet),dit is een hoog ijzerhoudende klei die boven de 900 graden wordt verhit en heel weerbestendig is. De pilaren van de ontvangsthal en de gehele Stupa wordt van deze laterietstenen gemaakt, waarna dit afgewerkt wordt met pleisterwerk. Dit laatste is op vele plaatsen verdwenen.

Er wordt aangegeven dat er in de binnen stad dagen van de week waren dat de koning de ontvangsthal gebruikte voor staats zaken en daar ook recht sprak over geschillen, terwijl op andere dagen de ontvangsthal werd gebruikt door de boeddhistische leiders om de monniken te onderrichten in de leer van Boeddha.
Van de ontvangsthal zijn meestal nog het platform en een aantal pilaren bewaard en soms een al of niet verweerde boeddha’s. Sommige stupa’s zijn goed bewaard, ook zijn er veel vervallen.


Chedi’s in de vorm van een lotusblad links en in belvorm rechts

In de 16de eeuw zoeken het Sukhothai koninkrijk en het Ayutthaya koninkrijk samenwerking met elkaar om sterker te staan tegen over het Birmaanse koninkrijk in het westen en het Khmer koninkrijk in het oosten. Daarna verzwakt het Sukhothai koninkrijk nog verder en gaat geheel onder in het Ayutthaya Koningrijk in het zuiden vallen. Deze samenvoeging is zonder enige oorlog gegaan. Vrij uniek denken wij; heeft het te maken met het Boeddhisme?

Ons guesthouse is een prachtig uitvalspunt voor de bezoeken aan de wats. Het ligt vlak buiten de muren van de oude stad en we lopen er zo in.
Ja, en het verhaal voor de komende dagen is iedere keer hetzelfde, voor de lezers misschien wat langdradig. Wij bezoeken tempel na tempel en krijgen er (nog) geen genoeg van.
We lopen steeds naar de oude stad via het regeringsgebouw in typisch Thaise stijl, zoals de meeste regeringsgebouwen.


Regerinsgegebouw

Donderdag 16 januari: 
We bezoeken de tempels binnen de stad.
Wat Trapang Thong. We vinden het een prachtige tempel, maar het blijkt nog maar een piepkleintje te zijn. De echte grote en mooie wats liggen verderop in de stad.


Wat Trapang Thong



De walking Buddha bij de wat Trapang Thong

Eerst bezoeken we het Provinciaal Museum dat een mooi overzicht van de geschiedenis geeft. Buiten in de tuin zien we nog wagens en schepen, zie de bijzondere ophanging van het wagenwiel op de foto (de foto is niet genomen in het museum, maar bij het provinciegebouw):


Na de middag zien we de grote tempels. We noemen er enkele.
Wat Mahathat, het centrum van het Sukhothai koninkrijk. De centrale toren is omgeven door 4 kleinere chedi’s in Srivijaya Ceylon-stijl:


Wat Mahathat



En de Wat Trapang Ngoen, Wat Sra Sri en nog andere.
Met kaartjes en audio komen we een eind, maar we kunnen niet alles thuisbrengen. Wat je dan zegt is: het  kaartje klopt niet. Enfin, we zien mooie tempels in een mooie omgeving:






Wandelende Buddha, een van de vele verschijningsvormen. Dit is een bijzondere

Op het tempelcomplex binnen de oude stad wordt een festival voorbereid ter ere van de bekende koning Ramkhamhaeng. Veel stalletjes en er wordt op een centrale plaats een oefening voor morgen gehouden: dansen van kinderen, muziek makende kinderen en als klapper drie olifanten die paraderen en daarna in “gevecht” met elkaar gaan, te midden van elkaar met zwaarden bestokende jongens.




Aan het eind van de middag drinken we in een plaatselijk tentje een biertje en ontkomen er niet aan van de straat te eten.



Vrijdag 17 januari huren we een fiets en gaan de tempels buiten de stad bekijken, gecombineerd met een fietstochtje door de velden.




 een mooi plekje

Wat Sorasak heeft nog  een hele serie olifanten aan de zijkanten en wat Mae Chon een mooie Boeddha.


Wat Sorasak


Wat Mae Chon

Wat Phra Phai Luang is weer een heel groot complex. Nog één van de 3 torens, prangs staat overeind. Deze vorm met veel tierlantijnen hebben we nog niet gezien. Hij dateert uit de pre-Sukhothai tijd, is van Khmer oorsprong:


Overzicht Wat Phra Phai Luang


De bijzondere prang


Uitsnijding

Wat Saphan Hin is op een flinke heuvel; mooi en een mooi uitzicht


Wat Saphan Hin


Ook Wat Chang Rob en Wat Khao Phra Bat Noi liggen op een heuveltje:


Wat Chang Rob


Wat Khao Phra Bat Noi

idem

We slaan op den duur enkele Wats over, het wordt bijna te veel. Veel belvormige stupa’s en ook veel waar weinig van over is. Nog een foto van Wat Chedi Ngam:


Wat Chedi Ngam


In de middag zijn we uitgeteld. Na een dutje maken we nog een fietstochtje, leveren de fietsen in, Kees gaat nog naar het festival en Geer zit lekker op het balkon van het hotel.
Het is de eerste middag van een driedaags festival ter ere van koning Ramkhamhaeng de Grote

wierook te koop

jongetje op het festival
Koning Ramkhamhaeng de Grote

olifanten die kunstjes gaan doen


Praalwagen

trommels

prachtige dames dansen



water bij avond

Geen opmerkingen:

Een reactie posten