We vertrekken om 8 uur met een tuk-tuk naar
het nieuwe Sukhotai, waar we met veel geluk direct een bus naar Kamphaeng Phet
hebben om kwart over negen. Om half elf/elf uur zijn we er al. We zoeken uit
hoe het zit met bussen voor ons vertrek over 2 dagen naar Chiang Mai.
Dan begint een stukje pech. Het guesthouse dat
we in de stad dachten te huren is bij niemand op het bus station bekend en de
websites zijn niet scheutig met telefoonnummers. Met hulp van velen en vooral
een jonge vrouw met een I-Pad komen we erachter dat we met een open auto mee
moeten (acht mensen en bagage in totaal). Al gauw zien we dat we helemaal mis
zijn: de auto gaat direct met grote snelheid de snelweg op richting het zuiden de
stad uit. Uitstappen kan niet meer. We komen ca 15 km buiten de stad terecht.
De Oostenrijkse eigenaar en zijn vrouw van het besproken guesthouse helpen ons
met het vinden van een hotel in de stad, waarschijnlijk zowat het enige. We
hadden het hotel al gezien maar toen niet gekozen. De vriendelijke meneer en
mevrouw brengen ons met hun auto naar het Scenic River Side Resort. Dus al met
al valt de pech nogal mee.
’s Middags fietsen we even langs de oude
monumenten om te weten wat we morgen te zien krijgen en dan bezoeken we de
nachtmarkt langs de rivier; we doen dat ’s middags. Je kunt er fantastische
maaltijden kopen die in potten staan te pruttelen of kiezen wat je wilt laten
bereiden.
We vinden na lang zoeken de prima eetplaats
die de man van het hotel ons gewezen heeft. De lekkere koffieplek hadden we al
gevonden.
De stad Kamphaeng Phet en zijn monumenten
Kamphaeng Phet betekent Diamanten Wal. De stad
kent kloosters, tempels en forten. De stad was zo ongeveer de tweede
belangrijkste stad van het Sukhothai koninkrijk, het ligt op de oostoever van
de Ping rivier en de vestingwerken zijn vermoedelijk gebouwd door koning Lithai
in de 14e eeuw als een garnizoenplaats om de macht van de koninkrijk
van Sukhothai te beschermen tegen met name tegen de Birmese koninkrijken.
In de prehistorie zijn vondsten gedaan die
erop wijzen dat er al lange tijd een nederzetting was, ver vóórdat Sukhothai
bestond. Het ligt naast de Ping rivier en heeft heel vruchtbare grond die ook
heel vlak is. Waarschijnlijk is dit deel reeds ca 4000 tot 6000 jaar bewoond.
Ook na de samenvoeging van de twee
koninkrijken Sukhothai en Ayutthaya blijft Kamphaeng Phet de belangrijke verdedigingsplaats
voor het koninkrijk naar het westen Birma.
De stad is als een vesting gebouwd heeft
massieve, 6m hoge aarden wallen met een
top van laterietsteen.
De binnenstad is in de vorm van een taps
toelopend trapezium gebouwd, parallel aan de rivier. De muur is 2.400 m lang in
het noorden, 2.160 m in het zuiden, 540 m. Breed in het oosten en 220 m in het
westen. Er zijn 10 poorten en op de vier hoeken zijn uitkijktorens.
Op het onderstaande kaartje zijn de belangrijkste
wat’s te zien:
Kaartje
Kamphaeng Phet met de belangrijkste Wa’ts:
1, Wat
Chang Rob
2. Wat
Phra That
3. wat
Phra Kaeo
4. Wat
Phra Si Aryabot
5. Wat
Singha
6. Wat
Avasa Yai
Op de overzichtsfoto van de omwalde oude
binnenstad die van Kampphaeng Phet is goed te zien hoe groot de wat zijn. Hier
zijn twee Wat’s in een omgrenzing van (nogmaals) noordzijde 2,4 km, zuidzijde
2,16 km, oost zijde 0,54 km en west zijde 0,22 km. De in een lijn liggende
wat’s zijn ca 1,5 km lang.
Overzicht
binnenstad
We beginnen op zondag de 19e bij de
monumenten buiten de stadswal, in het noorden.
Wat Avasa Yai is een wat waar veel monniken
leefden. Volgens de brochure moeten we dan denken aan enkele duizenden. Hij
ligt wat aan de buitenkant van het complex.
Wat Avasa Yai (zie 6 kaartje)
een met de muur vergroeide boom wijst op eeuwenlang geen goed onderhoud
Van Wat Chang Rob is niet veel over, moet indrukwekkend geweest zijn. De olifanten rondom hebben geen van alle meer een slurf.
Wat Chang Rob (1 op kaartje)
wat eens olifanten waren
monniken
die de tempel bezoeken
Dan volgt de Wat Singha met een Boeddha met
plastic kleed
Wat Phra Si Ariyabot heeft een grote Boeddha
en aan de andere kant een wandelende Boeddha waar je alleen de afdruk nog maar
van ziet.
Wat PhraSi Ariyabot (4 op het kaartje)
..... met een begroeide stupa. het is vervallen maar wel mooi zo
We fietsen terug naar de oude stad en komen
een mooi lunchplekje tegen, met zicht op – hoe kan het ook anders – een wat.
Binnen de muren van de oude stad bekijken we vooral de Wat Phra
Kaeo, met nog veel gave olifanten aan de noordkant. Voor het eerst dat we dat
zo zien.
Wat E-keng tot slot
Wat E-keng
In ons hotel aangekomen, moet Kees bijkomen
van de griep (koorts 38,8) en vooral het daarbij behorende hoesten. Geer gaat
kijken bij het bus station of er al kaartjes voor morgen te koop zijn naar
Chiang Mai, maar dat is een leuke maar vergeefse tocht. Verder lezen, blog, uit
eten en voor Kees eten mee terug naar het hotel. In een plastic zak zoals we
dat al zovelen keren hebben gezien.
Ons Huis
Op het dak van ons huis kijkt Geer naar de zonsondergang
(voor de foto met de rug naar de zon)
Daarmee zijn de twee dagen Kamphaeng Phet afgelopen.























Geen opmerkingen:
Een reactie posten